WERELDPOËZIEDAG- deze dichters bestrijden het coronavirus met hun troostende woorden

Poëzie LangZullenWeLezen

Het is wereldpoëziedag. En wereldwijd bestrijden dichters het coronavirus met hun woorden, die troosten, zalven en een hart onder de riem steken van velen.

Of zoals 'het poëziecentrum' op haar site schrijft:

“Poëzie is urgent, meer dan ooit. Dichters vertolken gedachten die wij niet kunnen vangen, leggen de vinger op datgene wat roert en beroert, in onszelf maar ook in de samenleving. Die zolderkamer is een fabel, dichters staan in de wereld van vandaag: een wereld met vele verschuivingen, met angst maar ook met liefde en hoop, met geschiedenis en toekomst, met klimaatverandering en revoluties maar ook met een hang naar verstilling en zingeving, in zintuiglijke beelden, pulserende ritmes en kolkende regels.”

We vroegen aan de medewerkers van 'het poëziecentrum’ om ons een lijstje van 5 troostende en 5 gedichten over het coronathema te bezorgen.

5 x TROOST

‘Een aanstekelijke hoop’ is de titel van het nieuwste gedicht van de Belgische Dichter des Vaderlands, Carl Norac. Het is ook precies wat poëzie voor vele mensen is, een hoopvolle baken die troost biedt op moeilijke momenten. Vele dichters hebben die troostende rol in de loop der jaren opgenomen. Sommigen wat laconiek, andere met een zakdoek achter de hand. Wij kozen er vijf voor u uit en noteerden enkele regels

1. Luuk Gruwez: ‘Het troostconcours’ (uit Vuile manieren, Arbeiderspers, 1994)

Luuk Gruwez organiseert een wedstrijdje ‘troosten’ en laat de deelnemers de meest absurde zaken aanbrengen.

“Er werd een wedstrijd in troosten gehouden.

Eén bracht een zondag mee met gregoriaans,

Een worgengel, een zoon van God

En drie heel knappe jonge priesters

[…]”

2. Toon Tellegen: ‘Soms, een enkele keer’ (uit Als we vlammen waren, Querido, 1996)

Toon Tellegen maakt ‘verdriet’ tastbaar en dumpt het ergens in een sloot, waarna hij opgelucht naar huis terug keert.

“Soms, een enkele keer,

met heel veel moeite en voornamelijk toevallig,

lukt het iemand

om met beide armen zijn verdriet te omvatten.

[…]”

3. Hans Andreus: ‘Voor een dag van morgen’ (uit Verzamelde gedichten Bert Bakker, 1955)

In het aanschijn van de dood probeert Hans Andreus in deze klassieker zijn onbeschrijfbare liefde toch te verwoorden.

“Wanneer ik morgen doodga,

vertel dan aan de bomen

hoeveel ik van je hield.

Vertel het aan de wind,

die in de bomen klimt

[…]”

4. Jules Deelder: ‘Voor Ari’ (uit Renaissance, De Bezige Bij, 1994)

Jules Deelder troost zijn dochtertje Ari en relativeert haar persoonlijke verdriet.

“Lieve Ari

Wees niet bang

De wereld is rond

en dat istie al lang

[…]

5. Jan Lauwereyns: ‘Mijn laatste dood’ (uit De Willekeur, De Bezige Bij, 2012)

Jan Lauwereyns berekent volgens een ingewikkelde vermenigvuldiging de zin van het leven en de waarde die de troost daarin vervult.

“[…]

Sommigen zagen

Wel dat werkelijk niets maal eeuwig niets was

Want stille kersenbloesembron bestond

En wat bestond kon nooit meer niet bestaan

[…]”

6 X VIRUSSEN EN CORONA

Het coronavirus heeft al een aantal dichters in de pen laten kruipen. Zowel de Belgische als de Nederlandse Dichter des Vaderlands schreven er eentje. Ook moderne rederijker Stijn Depaepe liet zich de voorbije dagen niet onbetuigd en schreef verschillende dagversjes over de crisis. Geert De Kockere liet zich dan weer volop inspireren door het verplichte thuiswerk en zette een reeks thuiswerkhaiku’s op. De Nederlandse dichter Fred Papenhove verpakte zijn coronagedicht in een kattenbelletje. Virussen zijn van alle tijden natuurlijk en neurobioloog en dichter Jan Lauwereyns ontwaardde in 2007 al een virus in zijn bundel Anophelia, de mug leeft. Hij liet er een stel muggen letterlijk aan het woord voor ze de aanval inzetten op de menselijke huid.

1. Carl Norac (Dichter Des Vaderlands België): Een aanstekelijke hoop

2. Tsead Bruinja (Dichter Des Vaderlands Nederland): Grachtengordelgedicht met duur eten

3. Stijn Depaepe : Hulp! ( incl. geluidsfragment waarin de dichter het gedicht voorleest)

4. Geert De Kockere: Het verplichte thuiswerk inspireerde hem tot volgende haiku:

Ik ontvang je thuis,

mijn antivirussoftware

net geüpdatet ...


(je vindt een reeks thuiswerk haiku’s van Geert De Kockere op de Facebook-pagina ‘Huis van de haiku’)

5. Fred Papenhove: Virus

6. Jan Lauwereyns: [titelloos gedicht] uit Anophelia, de mug leeft

Ter info. Het poëziecentrum is nu met een nieuwe reeks gestart: ‘Een aanstekelijke hoop’ – naar het nieuwe gedicht van onze Dichter des Vaderlands. Op elke werkdag posten ze op het platform Poëzie-Centraal een kort interview met een dichter, die net zoals de rest van de bevolking, binnen moeten blijven. Zij tippen daarin ook altijd een bundel die zij zeker niet kunnen missen in quarantaine. De interviews vind je telkens terug als je zoekt op de tag ‘Lockdown-serie’.

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief