Wat vindt Christophe Vekeman van 'De overlevenden' van Alex Schulman?

Fictie Klara

Het familiedrama 'De overlevenden' van Alex Schulman zou wel eens de must-read van deze zomer kunnen worden. Maar wat vindt Christophe Vekeman ervan?

Een Zweedse bestseller over 'een gewond en verwondend gezin'

Zoals zoveel romans en films begint ook de Zweedse bestseller De overlevenden van Alex Schulman met het einde van het verhaal, als ‘het meeste’, zoals het er staat, ‘natuurlijk al plaatsgevonden’ heeft: ‘Wat zich hier op de stenen trap afspeelt, de tranen van de drie broers, hun gezwollen gezichten en al het bloed, is slechts de buitenste ring in het water, degene die het verst verwijderd is van het inslagpunt.’ Een inslagpunt, in dit geval, dat dateert van decennia her, toen de drie nog kinderen waren en samen met hun ouders hun zomers doorbrachten in hetzelfde buitenhuisje als waar zij zich nu bevinden, rond middernacht, gezeten met de armen om elkaars schouders geslagen en met naast zich op het gras de urn met daarin de as van hun moeder.

Nils, Pierre en Benjamin zijn hun namen, en het is deze laatste – de gevoelige, de zorgzame van de drie – uit wiens standpunt het verhaal verteld wordt, een verhaal dat om het andere hoofdstuk twee uur terugspringt in het verleden, zodat het in hoofdstuk drie tien uur ’s avonds is, in hoofdstuk vijf acht uur, in hoofdstuk zeven zes uur et cetera, terwijl in de tussenliggende hoofdstukken telkens een voorval uit veel vroegere tijden uit de doeken wordt gedaan. In het tweede hoofdstuk, bijvoorbeeld, lezen wij over een door vader georganiseerde zwemwedstrijd tussen de drie jonge jongens die zo grootschalig opgezet is dat zij op een haar na bitter slecht afloopt.

Halverwege de zeer langdurige competitiepartij valt de duisternis immers, en de drie voelen, op enorme afstand van de oever, dat hun krachten hun in het ijskoude meerwater ontglippen en dat zij misschien de kant wel niet zullen halen. Dankzij broederlijke samenwerking lukt het hun ten slotte toch om levend en wel de wal te bereiken, waar vervolgens deze vaststelling hen én de lezer nog veel kouder op het lijf valt dan het genoemde water reeds was. Want waar hun ouders zijn? Hun doodongeruste ouders? ‘Benjamin deed een paar stappen richting het huisje en tuurde door een van de ruiten naar binnen. En daar, door het keukenraam, ving hij een glimp op van de gedaante van zijn vader. Zijn brede rug over het aanrecht gebogen. “Ze zijn naar binnen gegaan,” zei Benjamin.’

Lees verder op klara.be.

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief