Jef Rademakers: 'Ik durfde dit boek van Schnitzler niet vertalen, want voor hem was dit het boek der boeken'

VRT Boekenmaand Radio 1

Notoir televisiemaker Jef Rademakers (Pin Up Club, Klasgenoten) ging dertig jaar geleden op pensioen. Sindsdien houdt hij zich bezig met wat hij het liefste doet: lezen, dichten en vertalen. Zijn vertaling van 'De weg naar buiten' van Arthur Schnitzler is net uit. 'Zonder de lockdown had deze vertaling niet bestaan.'

Arthur Schnitzler: een viespeuk met een grote V

Arthur Schnitzler, het is een naam die misschien niet meteen een belletje doet rinkelen. 'Schnitzler is de belangrijkste Oostenrijkse auteur van het fin-de-siècle', vertelt Rademakers. 'Ik heb hem leren kennen toen ik na mijn pensioen allerlei klassiekers begon te lezen, van Tsjechov over Flaubert tot de Duitse schrijvers. Bij Schnitzlers boeken brak er plotseling iets in mij. Als ik een viespeuk ben, was hij een viespeuk met een grote V. Het ging bij hem altijd over bezetenheid, liefde, seks en dood. Ik voelde me zo verbonden met die boeken dat ik ze allemaal wilde lezen.'

Wel opvallend is dat Schnitzlers boeken nog niet in het Nederlands vertaald waren. Hoe kan dat? 'Dat weet ik ook niet. Goethe, Thomas Mann: Die werden allemaal vertaald, maar Schnitzlers boeken bleven onbekend.' Daarom besloot Rademakers ze zelf te vertalen. ''De weg naar buiten' is de vijfde Schnitzler die ik vertaal.' Toch kwam de vertaling er niet vanzelf. 'De roman zou bijna niet vertaald geweest zijn, ware het niet dat een Chinees in Wuhan een beest had laten ontsnappen.' Een lockdownboek dus.

De Joodse bourgeoisie in Wenen

Er speelden wel vele twijfels in Rademakers hoofd voordat hij eraan begon. 'Dit is het boek dat ik wilde maar niet durfde te vertalen', zegt Rademakers. 'De meeste boeken van Schnitzler zijn namelijk behapbare novelles van zo’n 150 pagina’s, maar dit was Schnitzlers boek der boeken. Het is 500 pagina’s dik en het is tegelijk een liefdesverhaal en een verslag over de Joodse bourgeoisie rond 1900 in Wenen, waar hij zelf deel van uitmaakte.'

Naast de grote status was er nog een reden waarom Rademakers bang was om het boek te vertalen. 'Ik durfde er niet aan te beginnen, want ik dacht: ‘Ik haal het niet.’ Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik snel de pijp zou uitgaan. Dus ik vond het nogal riskant om te beginnen aan een boek van 500 pagina’s. Bovendien is het een vrij ingewikkeld boek omdat je ook iets moet weten over de Joden in Wenen en over muziek. Het hoofdpersonage wil namelijk doorbreken als componist. Al heeft hij weinig succes omdat hij zijn tijd verspilt aan amoureuze relaties.'

Rademakers begon met de vertaling tijdens de lockdown en hij werkte 365 dagen aan een stuk. 'Ik ben beginnen te vertalen en ik ben niet meer opgehouden. En toen was het af tot mijn grote schrik.' Als je een jaar lang constant Schnitzler zit te vertalen, woon je bijna in het besneeuwde Wenen van 1905. 'Ik zou sowieso graag in die periode geleefd hebben', geeft Rademakers toe. 'Maar door de lockdown kwam ik nog meer in die tijd terecht. Er reden geen brullende motoren meer door de straten. Het hele leven kwam in een ander tempo. Ik vond dat zalig.'

En hoe zat het dan met de stijl van Schnitzler? 'Schnitzler schreef heel intieme dingen, maar hij schreef ze heel netjes op', merkt Rademakers op. 'Hij zegt over het hoofdpersonage dat hij altijd een beetje blij is wanneer hij weer van een jongedame af is, zelfs als het samenzijn heel fijn was geweest. Het woord ‘bevredigend’ noemt hij niet, maar een goede lezer weet dan wel wat er gebeurd is.'

Bekijk Jef Rademakers in het Radio 1 Boekenfeest op VRT NU.

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief