Sacha De Boer_De Bezige Bij

Jan Cremer blikt terug op zijn verguisde iconische schandaalroman uit 1964 'Ik Jan Cremer'

VRT Boekenmaand De Taalstaat

Op Radio 1 bellen radiocoryfeeën Jan Hautekiet en Frits Spits in het programma De Taalstaat met een ander icoon: de schrijver Jan Cremer!

Nederlandse literaire wereld op stelten!

In 1964 veroorzaakte zijn debuutroman 'Ik Jan Cremer' een schandaal. De toen jonge schrijver, hij was er 22, werd verguisd. Het werd een walgelijk boek genoemd, Cremer een fascistische schrijver en viezerik. Er was ook steun voor het boek dat 'in adembenemende, realistische stijl' werd geschreven en de Nederlandse literatuur op stelten zette. Gelukkig waren er Willem Frederik Hermans, Simon Vinkenoog, Gerard Reve en Simon Vestdijk die hem steunden en Cremer zelf die zijn eigen publiciteit goed kon verzorgen dankzij zijn samenwerking met de firma Harley Davidson en het Concertgbouw (Amsterdam) waar hij langs scheurde tijdens het boekenbal.

Cremer schreef zelf brieven naar de kranten waarin hij schande sprak over zijn eigen boek: marketing avant la lettre en kortom, een begrip. Wereldwijd werden er twaalf miljoen boeken van verkocht.

Frits Spits en Jan Hautekiet blikken samen met Jan Cremer terug in het programma De Taalstaat op Radio 1. Hij vond de weerstand tegen zijn debuut best welkom: 'het schudde de boel wakker, alles hielp', vertelt Cremer onomwonden. De uitgeverij had, toen het boek verscheen, nog geen budget voor reclame. Eenmaal per jaar verscheen een advertentie en dat was het. De steun van W.F. Hermans, Reve en Vestdijk, waar hij ook bevriend mee raakte, was welkom want hij werd als de antichrist beschouwd.

Meer succes in België

In Nederland werd hij uitgekotst als fascist en zedenloos monster die schreef wat hij dacht. En toen kwam hij naar België en werd hij door de burgemeester van Antwepren Lode Craeybeckx met eerbetoon ontvangen op het stadhuis. 'Ik vond dat een fantastisch gebeuren', vertelt hij.

Zijn manier van schrijven was: hoog tempo, geen blad voor de mond, niet saai, niet vervelend. Cremer had niet echt literaire voorbeelden. Hij schreef al vanaf zijn 16-17 jaar en alles wat leesbaar was, vond hij interessant. Hij schreef de eerste ruwe versie in Ibiza. Elk uur vrije tijd dat hij overhad, besteedde hij aan het uittikken, dag én nacht met één vinger. Het boek verscheen in 1964.

Staan er zaken in het boek waarvan je nu spijt hebt, wil Hautekiet weten. '0,0 spijt' is zijn antwoord. Hij heeft het zelf onlangs herlezen en hij vindt het een prachtig boek! Ook Frits Spits herlas het en vond het nu nog beter dan toen hij het stal uit de boekenkast van zijn ouders.

Loopgravenoorlog

'Mijn leven is begonnen met verzet, in 1945. De Nederlandse bevrijding was voor mij het begin van de oorlog. Ik zat in een loopgravenoorlog: ik zat in koloniehuizen, bij pleeggezinnen die mijn naam niet eens kenden. Toen ik 20 was had ik genoeg materiaal verzameld om op te schrijven en een stempel - footprint - te zetten op deze wereld.'

'Een lekker wijf'

In de huidige discussie die woedt in de literaire wereld, wordt hij verweten 'een mannelijke blik' te hebben. 'Als ik op straat loop en ik zie een geweldig mooie welgevormde jonge dame, dan zeggen mijn hersenen niet 'God, daar loopt een welgeschapen creatuur van vrouwelijk kunnen'. Ik zeg gewoon: 'Daar loopt een lekker wijf'. Dat is mijn opvatting en dat schrijf ik ook, begrijp je'.

'Elke schrijver heeft een eigen fatsoengrens, die kun je overschrijden, dan doe je dat moedwillig', gaat hij verder. Zijn grens is wat leesbaar is. Je moet opletten voor de puriteinen. Hij is voor de vrije meningsuiting: je moet kunnen zeggen wat gezegd moet worden. Ieder maakt voor zichzelf uit waar zijn of haar fatsoengrens ligt.

Jan Cremer, de schilder

Zelf leest Cremer vooral historische romans en (auto)biografieën. Na 'Ik Jan Cremer' heeft hij nog 19 boeken geschreven.

Jan Cremer is ook schilder: 'Ik schilder met woorden. Mijn woorden zijn penseelstreken. Ik ben een verslaggever in woord én beeld.' Hij schildert zoals hij schrijft en schrapt niet. 'Ik hamer de woorden in de historie.'

Zijn tip voor jonge ambitieuze schrijvers? 'Ga de oorlog in!'. Mijn leven was een loopgravenoorlog, maar ook in de loopgraven, bloeien bloemen. Ik ben een oorlogsverslaggever.'

Luister hieronder naar Jan Cremer in De Taalstaat op radio 1.

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief