Het is de week van het kortverhaal en Annelies Verbeke, curator van Kort! vertelt ons meer over het genre en haar top 5 van kortverhalen

Fictie LangZullenWeLezen

Het is deze week de week van het korte verhaal. Daarom organiseert Passa Porta op 19 en 20 februari 'Kort!', eerst in Brussel (Muntpunt) en vervolgens in Gent (De Centrale). Begenadigd kortverhalenauteur èn pleitbezorgster van het genre Annelies Verbeke is de curator van twee avonden met lezingen in korte interviews van/met Maria Vlaar (won de laatste J.M.A. Biesheuvelprijs), Caroline Lamarche (won de Prix Goncourt de la nouvelle 2019), Kristien Hemmerechts (schrijft speciaal voor het evenement een kortverhaal) en Hassan Blasim ("misschien wel de grootste schrijver van Arabische fictie" volgens The Guardian). Lees hier meer over het event.

Wij vroegen curator Annelies Verbeke naar haar top vijf van de kortverhalenbundels:

Annelies Verbeke houdt ontzettend veel van korte verhalen en verhalenbundels. "Jammer dat het zo'n moeilijk verkoopbaar en wat onderschat genre blijft in onze contreien, terwijl verhalenbundels op sommige plekken op de wereld juist een hogere status hebben dan romans. Er zijn zoveel auteurs die erin uitblonken, soms ook auteurs die vooral door hun romans bekend werden, zoals Vladimir Nabokov of James Joyce. In 2012 bracht ik met Sanneke van Hassel (ook op het festival Kort) de bloemlezing 'Naar de stad' uit, met internationale verhalen geschreven vanaf het jaar 2000, om te laten zien dat het genre nog steeds springlevend en kwalitatief hoogstaand is. Ik vind het een intens genre dat zich zeer goed leent tot inhoudelijk en vormelijk experiment (zie bijvoorbeeld de verhalen van Daniil Charms of Lydia Davis) en door verhalen in een bundel rond een thema te scharen schept de veelheid aan perspectieven een gevoel van vrijheid en variatie, weg van het grote gelijk. "

Nikolaj Gogol – De Petersburgse vertellingen (Rusland, 1835-1842)

‘We komen allemaal van onder de mantel van Gogol’, zei Toergenjew volgens de een, Dostojevski volgens de ander (maar eigenlijk kunnen we de uitspraak alleen toeschrijven aan een Franse literatuurwetenschapper). Er wordt mee bedoeld dat de hele moderne Russische en bij uitbreiding Europese literatuur uit Gogols verhaal ‘De mantel’ (1842) is voortgekomen. Dit hartverscheurende relaas van de gepeste kantoorklerk Akakij Akakijewitsj, die zich tot Jezusfiguur ontpopt, wordt wel eens beschouwd als het eerste moderne korte verhaal. In deze bundel staat ook het absurditische ‘De neus’, waarin college-assessor Kowaljow zijn pas verdwenen neus achterna gaat, die bij een confrontatie enigerlei hechte banden ontkent en beweert wetenschappelijk werk te verrichten.

Anton Tsjechov – Huwelijksverhalen (Rusland, 1884-1903)

Tsjechov schreef ongeveer driehonderdvijftig korte verhalen, waaruit een fris gevoel voor humor en een grote compassie voor de mensheid spreekt. Hij toont hoe personages gevangen zitten in een valse, pubieke persoonlijkheid, in hun eigen kleinheid, zoals de minnaars in het ontroerende ‘De dame met het hondje’. 'De Rainbow Pocket Huwelijksverhalen', die drieëntwintig verhalen over het huwelijk bundelt, is slechts één manier om met zijn werk in aanraking te komen.

Ryunosuke Akutagawa – Rashomon and Seventeen Other Stories (Japan, 1915-1927)

Een bundeling van korte verhalen van deze bijzondere Japanse auteur, die op zijn vijfendertigste zelfmoord pleegde. Wreedheid, beklijvende beelden, magische interventies, middeleeuwse decors en een verrassend modern aandoende, cynische verteltrant. Net als Gogol heeft Akutagawa een fascinatie voor neuzen, en hij schreef twee verhalen waarop Kurosawa zijn filmklassieker Rashomon baseerde. Mijn verhalenbundel 'Halleluja' open ik met een motto uit zijn verhaal 'Verhaal van een afgevallen hoofd'. Dit verhaal staat ook in de werkelijk sublieme, lijvige bloemlezing met Japanse korte verhalen 'Liefdesdood in Kamara' en andere verhalen vertaald en samengesteld door Luk Van Haute. Volledige bundels van Akutagawa zijn helaas niet langer in het Nederlands te verkrijgen.

Flannery O’Connor – A Good Man Is Hard To Find (VS, 1955)

Het is onbegrijpelijk dat de verhalen van O’Connor al zo lang niet meer in het Nederlands verschenen, en dat de auteur hier relatief onbekend is, in tegenstelling tot haar positie in de Angelsaksische wereld. Al bij een eerste kennismaking – het titelverhaal van deze bundel leent zich daar uitstekend toe - weet je dat je iets unieks en essentieels in handen hebt: een mengeling van exaltatie en afstand, humor en duisternis, die misschien alleen kan worden voortgebracht door een ongeneeslijk zieke auteur die weet jong te zullen sterven (O’Connor werd 39). Alle verhalen ademen de sfeer van het Zuiden van de VS en telkens speelt het geloof een grote rol. Ook als tijdsdocument zijn deze korte verhalen waardevol, het racisme is steeds op de achtergrond aanwezig. Een verpletterende leeservaring.

Mansfield, Het tuinfeest (Nieuw-Zeeland /GB, 1922)

Ik las haar 'Verzameld Werk' (5 verhalenbundels, slechts één in het Nederlands verkrijgbaar) pas vier jaar geleden. Ze is een totaal eigenzinnige auteur. Bijtend en agressief soms, hilarisch bij momenten, sociaal gevoelig, maar ook een meester in het doordringen in de menselijke geest en voor velen onzichtbare machtsverhoudingen. De enige auteur op wie Virginia Woolf jaloers zei te zijn geweest. Mansfield stierf al op haar 34ste. Ik sprak over deze 'moeder van het korte verhaal' op de Dead Ladies Show, hier lees je er meer over.

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief