Journalist en auteur Frank Westerman over zijn nieuwste boek ‘Te waar om mooi te zijn’

Radio 1

Frank Westerman is journalist en auteur van bekroonde boeken als ‘El Negro en ik’, ‘De graanrepubliek’, ‘Ararat’, enzovoort. Hij heeft nu een nieuw boek uit, verhalen die zijn gebundeld onder de titel ‘Te waar om mooi te zijn’. Westerman vertelt erover in ‘De Ochtend’.

Zoveel dingen die écht gebeurd zijn té waar om mooi te zijn

De titel komt van de uitdrukking 'te mooi om waar te zijn'. Maar de werkelijkheid verrast en overrompelt en haalt het vaak van de fictie', vertelt Westerman. Hij heeft hiervoor teruggegrepen naar zijn gastschrijverschap aan de universiteit van Leiden. De eerste gastschrijver daar was Gerard Reve in 1985. Hij zei dat voor een schrijver de werkelijkheid onbruikbaar is: echt gebeurd is geen excuus. De werkelijkheid is te mooi om waar te zijn, die is ongeloofwaardig.

Westerman vraagt zich in 'Te waar om mooi te zijn' af: Hoe dient hij zich als auteur van fictie te verhouden tegenover de werkelijkheid? Westerman denkt: er zijn zoveel dingen die écht gebeurd zijn té waar om mooi te zijn. 'De werkelijkheid verrast, overrompelt, overdondert en ik probeer daar greep op te krijgen.'

Toch wordt zijn werk vaak non-fictie genoemd, een term waaraan hij een hekel heeft om de simpele reden dat je niet te koop wilt lopen met wat je niet doet. Hij noemt het liever 'literatuur van de feiten'.

Eén van de mooiste verhalen uit het boek is, volgens presentator Jan van Delm, het verhaal van Nodar Koemaritasjvili, de Gëorgische rodelaar die tijdens de Olympische Winterspelen van 2010 in Vancouver verongelukte. Hierop weigerde een Nederlandse rodelaar uit een team van vier en met de duurste bobslee deel te nemen aan de spelen omdat de baan te gevaarlijk was. Westerman wilde daar een theaterstuk over maken. De aanleiding was dat de Nederlandse commentaren hem onder meer een 'mietje' noemden. Westerman vroeg zich af: is het laf om bang te zijn? Kan een 'neen' ook moedig zijn? Hij schreef in opdracht van Vlaams-Nederlands Huis een verhaal en trok hiervoor naar Tbilisi waar Nodar niet ver vandaan kwam en hij zijn oom en coach Felix ontmoette. Felix wilde die fatale bocht in Vancouver overdoen. Toen vroeg Westerman zich af: waarom ben ik dit aan het doen? Wil ik hier een theatermonoloog van schrijven, fictie? Felix was bezig met zijn rouwverwerking en het verlies. Hij dacht: hier kan ik niet tegenop. Het is té waar om mooi te zijn. En dat is uiteindelijk het verhaal geworden. Hij had de indruk dat een theatermonoloog een afbreuk zou doen aan de intensiteit.

Een ander meeslepend verhaal uit het boek is dat van de Poolse journalist, Ryszard Kapuściński, één van de idolen van Westermans.

Zelf laat Westermans wel eens dingen weg. Dit antwoordt hij op de vraag of hijzelf feiten aandikt.

Feiten & fictie in tijden van oorlog

In tijden van oorlog plant Westermans geen nieuw fictieverhaal waar de fictie de overhand dreigt te krijgen en de propaganda stuitend is en hij verwijst naar de Russische minister Sergey Lavrov die beweert dat de slachtoffers in de straat van Boetsja acteurs zijn. 'Je kan alleen maar hopen dat zo iemand zich zal moeten verantwoorden voor een oorlogstribunaal in Den Haag want dit is ook een oorlogsmisdaad als je het zo voorstelt. Daarvoor heb je feiten nodig die je geen geweld mag aandoen.'

Herbeluister Frank Westerman in De Ochtend op Radio 1 Select.

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief