Christophe Vekeman: Rubinstein had ‘wat te zeggen’

Non-Fictie Pompidou

Renate Rubinstein was de koningin van de Nederlandse column. Dertig jaar na haar dood werden haar geschriften gebundeld in een nieuwe uitgave van Privé-domein. Christophe Vekeman vindt het frappant hoe columns van decennia geleden soms verbazend actueel blijven.

‘Ik heb niets tegen antisemieten, ik lééf ervan’ is een begin dit jaar verschenen bundel met teksten van Ischa Meijer, samengesteld en ingeleid door Ronit Palache, en die laatste gaat nu op de ingeslagen weg verder met het eveneens in de vermaarde Privé-Domeinreeks van De Arbeiderspers verschenen ‘Bange mensen stellen geen vragen’, een bloemlezing uit het werk van Renate Rubinstein, ook wel bekend als Tamar.

Het was onder dat pseudoniem dat zij, tweeëndertig jaar oud, op 9 september 1961 in de krant Vrij Nederland het stukje schreef, ‘Intree’ geheten, dat later te boek zou komen te staan als de allereerste column die ooit in Nederland verschenen is. Weliswaar had je in die tijd allang de zogeheten cursiefjes, zoals onder meer grootmeester Simon Carmiggelt die schreef, maar die gingen toch meer over het leven van alledag, en niet over de maatschappij en de grote wereld. Meer over de realiteit, minder over de actualiteit.

Rubinstein, daarentegen, had ‘wat te zeggen’, zoals zij het zelf uitdrukte. En ze zéí het ook, getuige ‘Bange mensen stellen geen vragen’, onverbloemd, recht voor de raap, maar gelukkig tevens met de broodnodige aandacht voor de formulering van een en ander.

De maatschappijkritische columns verdienen het nog altijd om gelezen te worden.

Lees verder op klara.be

Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief