Radio 1 start brievenestafette tussen schrijvers - Koen Peeters bijt de spits af

#corona Radio 1

Volgende week verschijnt 'De Afstand', een brievenboek waarin twaalf duo’s elkaar schrijven over wat hen bezighoudt in deze rare, onwezenlijke dagen. Journalist Joost Devriesere greep de quarantaine aan om brieven te schrijven. En wat begon als een klein idee, groeide plots uit tot een heus brievenboek, dat op 20 mei verschijnt en waarvan de opbrengst integraal naar Dokters van de Wereld gaat.

Het inspireerde Radio 1 tot het starten van een brievenestafette. Elke dag wordt een schrijver gevraagd om een brief te pennen aan een andere schrijver, die dan weer op zijn beurt een brief richt aan nóg een andere schrijver. Koen Peeters bijt de spits af. Hij schrijft een brief aan Monika van Paemel.

Lieve Monika van Paemel,

Ik las pas op Facebook dat je verjaard bent, proficiat, - ne gelukkige - , pluk de dag en vier de dag. Ik had het je op die dag zelf kunnen melden, via Messenger of WhatsApp. Maar ik ben het vergeten. Sorry,
En: ik stuur je liever mijn kaartje vanuit Leuven naar Mechelen per radiogolf.
Een verlate gelukkige verjaardag, dierbare Monika.
Heb je een fijne verjaardag gehad in deze benarde tijden?
Mensen zonder werk, opgesloten in hun bubbel. Grootouders bang voor hun kleinkinders. Mondmaskers. Staatsschuld. Dagelijks worden dé dodencijfers bekend gemaakt, en ze worden meteen in die geniepige curve geplakt, als een wild opzwiepende slang die nu gelukkig langzaam gaat liggen. Maar die cobra van Covid 19 blijft wel een slang.
En toch ook: de zonovergoten, lege straten. Beertjes voor de ramen van de huizen tellen, kinderstemmen in de straat, de vogels en de stilte die we weer horen. Tegelijk is er met die vroege lente een vreemde landerigheid over ons neergedaald.
Soms denk ik aan je, als ik je bijzondere boek De vermaledijde vaders op mijn boekenplank zien staan. Ooit sta ik aan je deur om mijn exemplaar door jou te laten signeren.
Ik ben gevoelig voor zoiets. Papier, handtekeningen, een dedicace…

Ik heb de voorbije weken enkele oude, haast uitgestorven gewoontes weer opgepikt. Zoals: ik schrijf tegenwoordig weer brieven en postkaartjes. Op papier.
Ik verstuur mijn prentbriefkaarten met een Prior-postzegel, in de hoop dat die de dag erna toekomen. Dat is soms zo, maar soms ook niet. En ik vind het niet eens erg. De Post, ik schrijf dat met een hoofdletter, De Post durft de zendingen al ’s achterhouden, maar nooit, nooit zal zij wat haar is toevertrouwd, doen verdwijnen. Mijn geloof in de Posterijen is stellig.
Ik weet: ze nemen de nodige tijd.
Postkaartjes, prentbriefkaarten sturen. Dat is mijn kleine protest tegen het digitale gemak. Hoewel ik toegeef: vaak moet ik eerst domweg het postadres opvragen via mail of Messenger, om pas dan mijn kaartje te kunnen schrijven. Maar mijn methode stelt uit, verlaat, schept al de verwachting.
Het is ook mijn grote liefde voor papier, natuurlijk. Want niets bestaat dat niet van papier is gemaakt, of hoe was dat ook weer dat Jeroen Brouwers dat zei.
Niets bestaat dat niet iets anders aanraakt.
Onlangs was ook Jeroen Brouwers jarig, hij is tachtig geworden, ik kon het niet laten ook hem een kaartje te sturen. Een oud prentbriefkaartje van Oostende, zwart wit. Tien jongvolwassen jongens en meisjes gooien op het strand, ergens in de jaren 50, allen samen, een meisje in badpak in de lucht. Ze lijkt wel te zweven in de Oostendse sferen. Ach de zee.
Ik verstuur wel vaker prentbriefkaarten van Oostende vanuit Leuven. Ik heb hier een pak van 20 centimeter dik, allemaal Oostende doorheen de tijden.

Het moet niet altijd ZalandoBolDotcom zijn, waarmee onze postbodes moeten zeulen. Het mag ook lichtvoetig zijn, een postkaartje. Mijn zendingen zijn niet-essentiële verplaatsingen, maar dat zijn doorgaans de fijnste. Het zijn de charmes van de omweg, het uitstel.
Ik verwacht trouwens ook geen antwoord op mijn brieven of kaartjes.
Het is ook méér dan plat jeugdsentiment van vroeger, denk ik. Het is een of ander spelplezier, nieuwsgierigheid. Je toch afvragen of er toch een antwoord komt, ook het genot en de handigheid om iets te verzenden, iets schoons dat verleden met heden samenbrengt. Iets dat misschien zelf troost brengt, of een groot verlangen afbeeldt of oproept.
Gevoelens, zelfs geheimen delen open en bloot op een prentbriefkaart: iedereen kan het lezen. De prentbriefkaart is uiterst geschikt voor het oproepen van die mengeling van verre vriendschap, oude medeplichtigheid, kleine herinneringen.

En iets anders, wat ik ook nog geleerd heb, de voorbije weken: in de vooravond, voor het avondeten, neem ik mijn fiets en ik doe een tour. Ik ga kort even buurten bij kennissen in de stad.
Ik proef van deze ouderwetse woorden: een tour doen, buurten, kennissen. Dat mogen verre kennissen zijn, van vroeger. Literaire kennissen, vrienden.
Ik bel aan. Ik bel altijd onaangekondigd aan. Ik zeg dan onbeschaamd: ik passeerde hier juist, en ik dacht… , dat zeg ik dan, hoewel ik er soms in een rechte lijn op af rijd. Veel mensen zijn thuis tegenwoordig.
Ik behoud de voorgeschreven afstand van anderhalve meter. Op een muurtje gezeten, of staande op de stoep, in de voortuin doen we een babbel, meestal een half uurtje. En al wat wij zeggen, - jij in de deuropening en ik op de stoep, iedereen kan het horen. En ze bedanken me nadien, voor mijn onverwachte bezoek. Per mail, stel je voor.

Enfin, lieve Monika, ik vroeg me af: heb je een fijne verjaardag gehad?
En één dezer pak ik mijn fiets en rijd ik van Leuven naar Mechelen, en sta ik aan je voordeur om dat boek, die Vermaledijde vaders, te laten signeren.

Hartelijke groet, omhelzing en kussen uit Leuven,

je
Koen Peeters

Herbeluister Koen Peeters in 'We zullen doorgaan' bij Vincent Byloo op Radio 1.


Deel dit artikel

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief