Wil

Jeroen Olyslaegers

Fictie

4 /5

Gelezen? Geef jouw waardering

Succesvol toegevoegd
Het is oorlog. Antwerpen wordt bezet door geweld en wantrouwen. Wilfried Wils acht zichzelf een dichter in wording, maar moet zich tegelijk zien te redden als hulpagent. De mooie Yvette wordt verliefd op hem, haar broer Lode is een waaghals die zijn nek uitsteekt voor joden. Wilfrieds artistieke mentor, Nijdig Baardje, wil juist alle joden vernietigen. Onbehaaglijk laverend tussen twee werelden probeert Wilfried te overleven, terwijl de jacht op de joden onverminderd verdergaat. Jaren later vertelt hij zijn verhaal aan een van zijn nakomelingen.
WIL is een brutale, ambitieuze en veelzijdige roman waarin niemand de dans ontspringt. Olyslaegers betwist de breed aangenomen grenzen tussen goed en kwaad en laat het boek ingenieus resoneren met de eenentwintigste eeuw. Hij bewees zijn meesterschap al eerder, maar WIL zal iedereen volstrekt verrassen.

Wat anderen schrijven over dit boek

Jeroen Olyslaegers: Wil

Wilfried Wils, de ik-persoon, is hulpagent in Antwerpen in het begin van WO II, wanneer de Duitse bezetting een paar maand oud is: stoemelings wordt hij meegesleurd in de jodenvervolging, het verzet, de collaboratie, de Gestapo, en moet hij hiertussen constant schipperen op zijn werk maar ook binnen zijn familie. Hij wil er als jong ventje graag bijhoren, maar waarbij? En daarbovenop schuilt binnen in hem ook nog een soort Mister Hyde, die heel lang alleen tussen zijn oren woedt en hem gruwelijke visioenen voorspiegelt, maar tegelijk een constante dreiging vormt die vroeg of laat tot uitbarsting moet komen.
En om het met de woorden van Raymond te zeggen: het gaat vooruit. Wat een vaart. De scènes wisselen vrij snel van gebeurtenissen en actie naar dialogen en bespiegelingen.
De taal: direct, ongecompliceerd, maar verre van rudimentair. Ze draagt bij aan de vaart van het verhaal en is naar mijn gevoel perfect toegespitst op het milieu, met een boel Antwerpse uitdrukkingen, en een trefzekere woordkeuze. Een fluit noemt hij gewoon een fluit. (Dat klinisch-wetenschappelijke “penis” hebben we te danken aan Jef Geeraerts. Dat was 60 jaar geleden misschien revolutionair en shockerend, tegenwoordig vind ik het meestal potsierlijk). Olyslaegers bewandelt de gulden middenweg tussen Antwerps dialect (als je dat wil weergeven kom je fonetisch in de problemen, en wordt het moeilijk leesbaar, zeker voor niet-Antwerpenaars), en AN, dat hier met zijn jijen en jouwen echt als een tang op een varken zou passen.
De structuur met flashforwards naar verschillende perioden in het heden en meer recente verleden maakt het verhaal erg gevarieerd. Naarmate het vordert, vallen de puzzelstukjes van personages en gebeurtenissen stilaan op hun plaats. En de laatste 5 of 10 blz. krijg je nog een paar mokerslagen mee, die je murw achterlaten als lezer. Sterk boek.

Uw recensie werd succesvol toegevoegd

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?
Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Inschrijven nieuwsbrief

Meld je aan om verder te gaan!