Elke vriendschap met mij is verderfelijk

Joseph Roth, Stefan Zweig

Mens en maatschappij

4 /5

Gelezen? Geef jouw waardering

Succesvol toegevoegd
‘Duitsland is dood. Voor ons is het dood. Het is een droom geweest. Ziet u dat eindelijk, toe,’ bezweert Joseph Roth in een brief aan zijn vriend Stefan Zweig in 1933. De joodse schrijvers Joseph Roth en Stefan Zweig, beiden opgegroeid in de Donaumonarchie, behoren tot de grootste vertellers van de Duitse literatuur. Hun ontroerende briefwisseling laat hen zien in tijden van nood, als de machtsovername door de nazi’s een schaduw werpt over hun vriendschap. Waar Roth zich compromisloos opstelt en meteen in 1933 naar Parijs emigreert, probeert Zweig nog geruime tijd een modus vivendi te vinden, tot hij uiteindelijk zijn toevlucht zoekt in Londen. Ondanks de groeiende vervreemding probeert hij Roth financieel te ondersteunen en van zijn destructieve alcoholisme af te helpen.
De brieven werden vertaald door Els Snick en van een uitgebreid nawoord voorzien door Heinz Lunzer.

Wat anderen schrijven over dit boek

Boek: Elke vriendschap met mij is verderfelijk - Joseph Roth, Stefan Zweig en Els Snick (Ned.)

Na het lezen van een paar romans en heel wat persartikels van Joseph Roth uit de eerdere bundels van Els Snick, had ik me een bepaald beeld van de schrijver gevormd, dat eerder leek op dat van een vrolijke levensgenieter: altijd onderweg, verblijf in hotels, lekker tafelen en genieten van de plaatselijke alcoholische versnaperingen. Schrijven aan een cafétafel, werken voor de krant, wat vooral neerkwam op mensen observeren en op een handige en sublieme manier beschrijven. Een leven waar meer dan één man alleen maar van kan dromen, ware het niet dat er nogal wat bezwarende omstandigheden dat van Roth doorkruisten.
Om te beginnen de tijdsgeest. Roth beleeft een migratie van oost naar west, vecht in de Eerste Wereldoorlog, zijn ongeneeslijk zenuwzieke vrouw vreet aan zijn budget. En dat laatste is voor Roth een probleem dat zijn hele leven bepaalt en tekent. Hij heeft namelijk een gat in zijn hand dat zijn onregelmatige inkomsten niet kunnen vullen.
Hij sluit vriendschap met Stefan Zweig waarmee hij een jarenlange correspondentie begint. Vooral de brieven van hem aan Zweig vullen nu het boek “Elke vriendschap met mij is verderfelijk” (Roth’s eigen woorden), omdat Stefan Zweig (of Friderike, zijn vrouw) ze bijgehouden heeft. Joseph Roth, de reiziger zonder vaste verblijfplaats, doet dat niet. Toch bevatten de weinige bewaarde brieven van Stefan Zweig aan Roth voldoende informatie om te weten te komen hoe de verhoudingen liggen en evolueren.
Hitler en zijn trawanten zijn de volgende obstakels op de levensweg van de (beide) schrijver(s). Weldra verliest Duitsland zijn structuren aan de opdringerige en allesbepalende nazi’s. Roth, de altruïst die niemand in de kou kan laten staan: zelf zit hij in zak en as en toch springt hij voortdurend in de bres voor anderen, zwakkere collega’s, vluchtelingen... Hij komt in contact met andere vrouwen (en hun kinderen), verzeilt in diepe armoede, rekent op niet aankomende voorschotten en begint er op los te lenen. Hij beschuldigt de uitgevers van oneerlijkheid en erger en roept Stefan Zweig meer en meer op om hem te helpen.
Ik begon van de ene verbazing in de andere te vallen.
Van hier af wordt het gedrag van Joseph Roth tegenover zijn vriend ronduit aandoenlijk. Roth geeft zich volledig bloot. Voortdurend klaagt hij over zijn armoede, zijn schulden en zijn zwakke gezondheid en roept Stefan op om hulp te bieden in zijn verwrongen betrekkingen met zijn relaties, zakelijke en andere. Roth begint te smeken, dringt aan op ontmoetingen, die slechts moeilijk tot stand komen, valt bij wijze van spreken op de knieën voor Zweig en zijn vrouw, maar verknoeit het iedere keer weer door zijn driftige natuur en zijn disproportionele reacties op zijn omgeving. Zijn brieven beëindigt hij steevast met de verklaring van zijn grote liefde voor Zweig.
Zweig verliest er zijn geduld niet bij, staat zijn vriend bij met raad en daad, dringt er meerdere keren op aan dat Roth zich moet afzonderen en de drank moet laten. Roth weet er zich iedere keer weer uit te praten, te schrijven. De gevolgen zijn catastrofaal voor zijn gezondheid, maar toch blijft hij doorwerken als een gek, onderbetaald, ondergewaardeerd en veroordeeld door de nazi's. Zijn lichaam betaalt de tol. Soms blijft hij aan het bed gekluisterd, maar kan niet slapen. Zijn hoofd draait als een wiel. Zijn leven sleept zich naar het einde toe. Plots, na de tiende oktober 1938, komen er geen brieven meer. Stefan Zweig is verwonderd, hij begrijpt het niet. Lees tot besluit zeker de brieven aan derden.
Er volgt nog een uitgebreid nawoord van de hand van Heinz Lunzer, maar ik wilde eerst mijn mening op papier vooraleer daaraan te beginnen.
Een roman is dit dus niet, maar het boek zit wel vol drama. De Nederlandse tekst is vlekkeloos. Het is uitgegeven in de reeks Privé-domein van de Arbeiderspers en kreeg er het gouden nummer 300.
Gelijktijdig heb ik “Marie Antoinette” van Stefan Zweig gelezen, dat zorgde voor wat evenwicht in de bijdragen van beide schrijvers, en dat was niet eens zo’n slecht idee.

Boek - www.facebook.com/plezierschrijver - 24 maart 2019 - ©2019 Roland Derveaux

Uw recensie werd succesvol toegevoegd

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?
Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Inschrijven nieuwsbrief

Meld je aan om verder te gaan!