Wachtend op het vuurpeloton

Door Joris Verbeurgt

Waardering
Jouw waardering
Succesvol toegevoegd
Terwijl in 1870 de Frans-Duitse oorlog volop woedt, wordt de Pruisische dichter en romancier Theodor Fontane (1819–1898) achter de Franse linies gevangengenomen. Hij wordt van spionage beschuldigd en ontsnapt ternauwernood aan het vuurpeloton. Maar daarmee is hij zijn leven nog helemaal niet zeker. Terwijl de Duitse legers verder oprukken en het Franse staatsgezag zienderogen afbrokkelt, wordt hij van de ene gevangenis naar de andere overgebracht, steeds dieper Frankrijk in. Keer op keer wordt hij aan ondervragingen onderworpen en moet hij spitsroeden lopen door woedende volksmenigten. Uiteindelijk belandt hij, samen met honderden andere gevangenen, op het gevangeniseiland Oléron aan de Atlantische kust. Terwijl achter de schermen een aantal machtige vrienden zich inzetten om het lot van de onfortuinlijke schrijver te verzachten en zijn vrijheid te verkrijgen, begint Fontane zijn belevenissen neer te schrijven. Op meesterlijke wijze vertelt hij over de vele gevaren en ontberingen die hij tijdens zijn odyssee door Frankrijk heeft moeten doorstaan. Maar hij vergeet ook niet zijn meelevende bewakers en sympathieke medegevangenen te vermelden. De mildheid, de psychologische diepgang en de fijnzinnige humor waarmee deze rasechte verteller zijn lotgevallen en impressies weergeeft, maken zijn herinneringen niet alleen interessant vanuit historisch oogpunt, maar ook tot een waar genot om te lezen. Wachtend op het vuurpeloton is de eerste Nederlandse vertaling van dit unieke ooggetuigenverslag van de Frans-Duitse oorlog. Naast de herinneringen van een van de grootste schrijvers van de negentiende eeuw, bevatten Fontanes memoires ook tal van verhalen over hoe gewone mensen, Fransen en Duitsers, de dramatische gebeurtenissen van het jaar 1870 hebben ervaren. Joris Verbeurgt (1975) studeerde geschiedenis, communicatiewetenschappen en internationale betrekkingen & diplomatie. Eerder publiceerde hij Een oorlog kan ook mooi zijn: Ernst Jünger aan het westelijk front en Weldra zal ik onder de guillotine liggen: Grace Elliott, ooggetuige van de Franse Revolutie. Hij is Brussels correspondent voor European Security and Defence. Over Weldra zal ik onder de guillotine liggen: ‘Spannende anekdotes. Pakkend verhaal. Complimenten.’ – Trouw ‘Blaast het stof van de geschiedenis. Het brengt de Franse Revolutie alsof je erbij was.’ – De Standaard

Wat anderen schrijven over dit boek

Door André Oyen

op 27/07/2021

Theodor Fontane (1819-1898) was een Duitse schrijver, een van de belangrijkste exponenten van het realisme,dichter, journalist en apotheker . Tegenwoordig is hij vooral bekend om zijn romans en korte verhalen, die hebben bijgedragen aan de vormgeving van de stijl van het realisme. Ze omvatten bijvoorbeeld "Effi Briest", "Der Stechlin", "L'Adultera", "Grete Minde" en "Irrungen, Wirrungen".
Theodor Fontane had een leven met veel verschillende stadia. Hij woonde in Duitsland en deels in Londen , werkte in verschillende beroepen, werkte als freelance schrijver voor verschillende kranten en reisde veel. Hij had twee broers en zussen, een vrouw en in totaal zeven kinderen, van wie er drie kort na de geboorte stierven.
In 1839, op 20-jarige leeftijd , publiceerde Fontane zijn eerste roman "Geschwisterliebe". Na zijn leertijd werkte hij in een apotheek in Burg bij Magdeburg en bleef hij poëzie schrijven. In 1841 kreeg Fontane tyfus en ging weer bij zijn ouders wonen, die inmiddels in Letschin (gemeente Brandenburg) woonden.
Daar herstelde hij een tijdje van zijn ziekte en werkte daarna in een apotheek in Leipzig , waar hij enkele contacten legde met politiek actieve democraten. Georg Herwegh , een radicale denker en schrijver uit de Vormärz-periode , werd zijn rolmodel. Vanaf 1849 wijdde Fontane zich alleen aan het schrijven en beëindigde hij zijn werk als apotheker .In zijn autobiografische werk beschrijft Fontane zijn ervaringen als oorlogscorrespondent die de Duitse troepen naar Frankrijk volgde om materiaal te verzamelen voor een derde oorlogsboek. Hij werd op 5 oktober 1870 in Domrémy-la-Pucelle gevangengenomen. Wapens en legitimatiepapieren voor Pruisische militaire diensten werden bij hem gevonden. Ook droeg hij zonder toestemming een Rode Kruisband om zijn arm. Als een veronderstelde Pruisische spion wordt hij eerst van instantie tot instantie doorgegeven, maar wordt hij door een militaire rechtbank in Besançon vrijgesproken. Omdat echter wordt gevreesd dat vanwege zijn militaire kennis bruikbare informatie doorgeven aan Duitsland, wordt hij als gevangene naar het Île d'Oléron gebracht . De burger Fontane krijgt de status van hogere officier (Officier supérieur) vanwege zijn uiterlijk en waarschijnlijk ook zijn goede kennis van het Frans (Fontane komt uit een Hugenotenfamilie die oorspronkelijk in Gascogne woonde ). Bovendien had de aartsbisschop van Besançon voor hem campagne gevoerd. Deze status brengt hem veel voordelen en een speciale behandeling ten opzichte van de andere Duitse krijgsgevangenen, zowel op het lange transport als in gevangenschap op het Île d'Oléron.
Na tussenkomst van Bismarck bij de Amerikaanse gezant in Parijs, werd hij vervroegd vrijgelaten . Daarna mocht hij alleen door Frankrijk naar Genève reizen.
Fontane beschrijft de Franse buren met grote sympathie en benadrukt herhaaldelijk de grote menselijkheid en eerlijkheid waarmee niet alleen hij, maar ook de andere Duitse krijgsgevangenen verre van haat en wreedheid werden behandeld, de absolute correctheid van de Franse autoriteiten, inclusief de gevangenen, altijd beschermd tegen de incidentele dreigende aanvallen van de opgehitste straatmenigte. Fontane is kritischer over de behandeling van de bij Orléans gevangengenomen zieke soldaten . Deze werden aanvankelijk behandeld als normale krijgsgevangenen en verschillende stierven door gebrek aan zorg. Fontane vermeldt echter ook uitdrukkelijk hoe de fortcommandant campagne voerde voor deze zieken, zelfs onder dreiging van ontslag, totdat ze uiteindelijk voor verzorging naar de plaatselijke ziekenhuizen werden gebracht. Fontane citeert ook de verslagen van andere Duitse soldaten over hun schermutselingen en gevangenneming  .
De schrijver heeft de ervaringen als gevangene later opgeschreven in zijn boek Krijgsgevangenen. Ervaren in 1870 , die in 1871 werd gepubliceerd.
Joris Verbeurgt (1975) studeerde geschiedenis, communicatiewetenschappen en internationale betrekkingen & diplomatie. Eerder publiceerde hij Een oorlog kan ook mooi zijn: Ernst Jünger aan het westelijk front en Weldra zal ik onder de guillotine liggen: Grace Elliott, ooggetuige van de Franse Revolutie. Hij is Brussels correspondent voor European Security and Defence.Over Weldra zal ik onder de guillotine liggen:' Wachtend op het vuurpeloton” is de eerste, Nederlandse vertaling van een uniek ooggetuigenverslag van de Frans-Duitse oorlog van 19 juli 1870 tot 10 mei 1871, geschreven door één van de belangrijkste auteurs van de “Gründerzeit”, de periode van de overgang van het literair realisme naar het naturalisme.
Ik moet eerlijk bekennen dat ik noch de schrijver nog het verhaal over zijn gevangenneming kende. Het is dan ook een grote verdienste van Joris Verbeurgt dat hij met kennis van zaken met een deskundige en vlotte vertaling een stuk boeiende geschiedenis vanonder het stoft haalt.
Het boek leest als een historische roman en zal de liefhebber van het genre, veel leesplezier verschaffen.

Lees meer
Schrijf je mening over dit boek. (Je voornaam & achternaam worden getoond)
Geef je waardering:

Uw recensie werd succesvol toegevoegd

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief