Wildevrouw

Door Jeroen Olyslaegers

Waardering
Jouw waardering
Succesvol toegevoegd
Beer verloor drie vrouwen in het kraambed. Zijn derde echtgenote baarde een kind alvorens te sterven, de andere twee stierven met een kind in hun buik. Na al dat verlies acht hij zichzelf vervloekt. Vanuit Amsterdam blikt Beer terug op zijn laatste jaren in het zestiende-eeuwse Antwerpen, de stad die hij ontvluchtte. Antwerpen floreert in handel en geld, maar er heerst tegelijk een grote onrust. Beer maakt deze oplopende spanningen van dichtbij mee in zijn herberg waar vrije gedachten en zoete wijn vloeien, en waar plannen worden gesmeed door een geheim genootschap. Alles wordt op scherp gesteld wanneer als gevolg van overmoedige wereldveroveraars een wildevrouw in zijn herberg terechtkomt.
Wildevrouw is een wervelende, monumentale roman over het verlangen naar eenheid en het veroveren van een innerlijke waarheid, vol vlees en geuren, vol narren en blinden, vol handelaars en woekeraars, profiteurs en bedriegers, vroedvrouwen, cartografen, schilders, drukkers en astrologen, waarbij verlangen en zelfbedrog dansen door de straten van een gedoemde stad.

Wat anderen schrijven over dit boek

Door Guido Bergmans

op 19/03/2021

Wildevrouw. Jeroen Olyslaegers

Belangrijk in dit boek is de historische component van het 16de-eeuwse Antwerpen, waarbij je talloze bekende namen van personages en gebeurtenissen uit die tijd, ons bekend van in de lagere en middelbare school, ziet voorbijkomen. Pieter Breughel, Mercator, Abraham Ortelius, Willem van Oranje, Filips II, Margaretha van Parma, John Dee (remember De Slinger van Foucault van Umberto Eco), de Spaanse Furie, de hagenpreken, de Beeldenstorm en nog zoveel meer. Allemaal namen die een belletje doen rinkelen, en die herkenning is voor de simpele lezer toch altijd een beetje een genoegdoening. Hij is dan toch niet zo stom als iedereen denkt. Olyslaegers is wel zo slim om ze allemaal te vernoemen, maar meestal relatief op de achtergrond te houden, zodat historici zich niet al te zeer moeten opwinden over bepaalde onnauwkeurigheden. Van de skraelingen had ik nog niet gehoord, maar Olyslaegers maakt vrij snel duidelijk dat het om Inuit of Native Americans moet gaan.
Wat we bij Olyslaegers ook altijd terugvinden, zijn hele bladzijden bestaande uit een woordenvloed van gedachten, obsessies, dromen, hersenspinsels, schuldgevoelens. De perfecte uiting van het idee (mijn idee) dat het menselijke brein uitgeëvolueerd (uitgemendeld) is tot een onoverzichtelijk hypertrofisch kluwen, waarin een kat haar jongen niet meer vindt, een batterij van op hol geslagen neuronensalvo’s, doordraaiende zotternij die nergens toe leidt, zoals een hamster rondraast in een looprad. Ik vind deze bladzijden niet altijd even interessant, en vaak wat te lang. In Winst, een van de andere boeken van Olyslaegers, is dit nog hinderlijker. In Wil, zijn voorlaatste, zijn ze evenzeer aanwezig, maar vond ik ze meer functioneel en weinig storend. Ze doen mij trouwens terugdenken aan een van de motto’s van Wildevrouw: Mundus vult decipi, de wereld wil bedrogen worden. In dit verband: Olyslaegers weet ook religieuze elementen geloofwaardig doorheen de gedachtenwereld van Beer te weven. Dit lijkt me niet evident voor een moderne auteur, maar is toch onontbeerlijk als je de 16de eeuwse mengelmoes van godsdienstoorlogen, spirituele uitwassen (mysticisme, esoterie) en ontluikende nieuwe wetenschappen correct wil weergeven. Olyslaegers vermijdt het hedendaagse, in intellectuele kringen vanzelfsprekende atheïsme te transponeren naar de 16de eeuw. Bravo.
Het verhaal zelf is erg gevarieerd, zodat je geboeid blijft, met een opeenstapeling van grote politieke en meer intieme gebeurtenissen, veel dialogen, soms ellenlange monologen (van Ortelius, met name, die soms wat te lang uitgesponnen zijn naar mijn smaak), en zoals gezegd de hersenspinsels van Beer, de hoofdpersoon.
De taal is zoals gewoonlijk bij Olyslaegers perfect toegesneden op het verhaal. Gelukkig geen jijen en jouwen. En een enorme woordenrijkdom.
Erg informatief vond ik de website over de Wildevrouw, http://wildevrouw.be/ ,waar Jeroen en zijn maatje Stef Franck heel wat van hun historisch achtergrondmateriaal ter beschikking stellen.
Toch weer een hele goeie van Jeroen Olyslaegers.

Lees meer

Door Marc Dilliën

op 12/02/2021

Ik kan me maar aansluiten bij de andere beoordelingen hier opgenomen, een monumentaal boek, goed verhaal, mooi ingebed in de rijke geschiedenis van Antwerpen en geschreven in een mooie, aan de tijd aangepaste taal.
Het is altijd meegenomen als een verhaal zo verbonden is met een ruim bekende periode, zo was zijn vorig boek, Wil, gesitueerd tijdens de Tweede Wereldoorlog en de collaboratie.
De schrijver zit duidelijk op een hoogtepunt van zijn kunnen, dus laat ons maar hopen op nog meer van dit in de nabije toekomst.

Lees meer

Door Frans De Baets

op 09/02/2021

Bij het begin moest ik even doorduwen wat betrof de zinsbouw.
Het loonde wel de moeite! Je stapt in een schilderij van Breughel zodat je een voorstelling hebt van de protagonisten en hun entourage.
Al wat menselijk is passeert de revue: liefde, verraad, armoede, misbruik, godsdienstwaanzin....
Mooi...
Vlug ook lezen!!!

Lees meer

Door Jeanne Tielen

op 31/01/2021

Een monumentaal boek kan je het wel noemen. Jeroen bootst de taal van de Gouden Eeuwers na: een beetje boers, een beetje plechtig en doorspekt van godsvrees. Hij schetst het Antwerpen van rond de Beeldenstorm met al zijn woeligheden, onzekerheden, menselijkheden en onmenselijkheden. Goed boek.

Lees meer

Door André Oyen

op 05/01/2021

Jeroen Olyslaegers (Mortsel, 1967) is één van onze flamboyantste schrijvers van het ogenblik. Met Wil uit 2016 brak hij definitief door in de literaire wereld. Het werk werd onthaald op applaus en tevens gelauwerd in Vlaanderen en in Nederland ook al was het een typisch Vlaams werk.
In 2014 ontving hij de Arkprijs van het Vrije Woord voor zijn werk en maatschappelijk engagement, en de Edmond Hustinxprijs voor zijn theateroeuvre.
In zijn nieuwe werk neemt Olyslaegers de lezer mee naar het Antwerpen van de 16e eeuw.
Het hele verhaal wordt verteld door de herbergier Beer, een welbespraakt heerschap waarin ik zowel figuur en taal van de auteur herken. Deze herbergier is ook nog een subliem verteller en dat heeft hij absoluut gemeen met zijn geestelijke vader.
Wildevrouw speelt zich af in Antwerpen en Amsterdam, rond het begin van de Tachtigjarige Oorlog. Het verhaal is een regelrechte ode aan de Stad Antwerpen en haar bewoners en de stad is dan ook een van de personages!
Het verhaal draait om Beer, een Antwerpse herbergier die tien jaar eerder naar Amsterdam is gevlucht en daar nu zijn herberg heeft in de deftige Warmoesstraat. In Antwerpen was hij een Wildeman, lid van een vriendengroep die zich als wildemannen kleedde bij hun gezamenlijke bijeenkomsten. Het was een onschuldig genootschap, heel anders dan de ‘Familie’, waar Beer nolens volens ook bij betrokken raakt. Deze groep van vooraanstaande handelslui en notabelen lijven Beer vooral in, opdat ze in zijn herberg kunnen samenkomen en er hun gevaarlijke boeken in de kelder kunnen opslaan, iets wat hem later zuur zal opbreken.
De Engelse humanist John Dee, filosoof, wiskundige en adviseur van koningin Elizabeth, die ook werkelijk enige tijd in Antwerpen verbleef, schrijft in de herberg van Beer een van zijn belangrijke werken. En de schilder Pieter Bruegel, in de stad gemeenzaam bekend als Pierre den Drol zo lezen we, speelt eveneens een rol, net als zijn schilderij De Dulle Griet.
Op een dag arriveert er een schip in de haven dat als enige terugkeert van een mislukte expeditie om langs het noordwesten China en Indië te bereiken. Als buit heeft het een in bont gehulde vrouw en haar jonge dochtertje bij zich, de Wildevrouw. Omdat de stadsbewoners het bont voor een harige huid aanzien, beschouwen zij de twee als halve dieren.
Als de politieke en godsdienstige verwikkelingen, tussen katholieken, Hugenoten, Calvinisten en Geuzen de stad verdelen en uitmonden in de Beeldenstorm van 1566, staan de talrijke partijen onverzettelijk, soms gewelddadig en steeds chaotischer tegenover elkaar. In dit louche spel met onbetrouwbare spelers wordt Beer tegen wil en dank meegesleurd en tenslotte verraden. Hij ontvlucht de stad samen met de wildevrouw en haar kind.
Tien jaar later vertelt hij in Amsterdam zijn verhaal, aangevuld met verhalen van na zijn vertrek, die hij te horen krijgt van latere vluchtelingen die hem in zijn nieuwe herberg bezoeken. Zo hoort hij dat het in Antwerpen alleen maar slechter geworden is, met als wreedste dieptepunt de Spaanse Furie waarbij in het najaar van 1575 muitende soldaten drie dagen lang plunderend, verkrachtend, moordend en brandstichtend door de stad trokken met naar schatting zevenduizend doden als gevolg.
De auteur vertelt heel ritmisch en melodieus en maakt zijn verhaal zo haast visueel.

Lees meer
Schrijf je mening over dit boek. (Je voornaam & achternaam worden getoond)
Geef je waardering:

Uw recensie werd succesvol toegevoegd

Nog meer boekennieuws op

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?

Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Log in met je VRT profiel

Meer leesplezier?

Blijf je graag op de hoogte van alle nieuwtjes?
We sturen je elke week een verse update!

Schrijf je in op de nieuwsbrief