Het smelt

Lize Spit

Fictie

3.5 /5

Gelezen? Geef jouw waardering

Succesvol toegevoegd
Geef je mening

1988 is een bijzonder jaar voor het kleine, Vlaamse Bovenmeer: behalve Eva worden er slechts twee andere kinderen geboren, Pim en Laurens. De drie maken er hun hele jeugd samen het beste van. Tot de bloedhete zomer van 2002; de jongens worden pubers met snode plannen. De verlegen Eva kan meedoen of oprotten. Die keuze is geen keuze.

Wat anderen schrijven over dit boek

Lize Spit heeft een leuke schrijfstijl, maar daar is alles ook mee gezegd. Ik heb het boek 2 tot 3 keer opzij gelegd. Ben toch maar door gegaan met lezen, want iedereen sprak erover. Maar ik vond het verhaal niet echt wow en soms echt langdradig.

Spannende aanzet maar helaas smolt bladzijde per bladzijde ook het leesplezier... Verteltalent is er en het verhaal leest vlot, maar de vergelijking met Scandinavische auteurs kan dit werk nog niet aan.

Een boek van een oud-leerling. Een boek dat naar de keel grijpt. Maar vooral wat een talent. Bravo, Lize Spit! Zij weet wat boeiend vertellen betekent.

Lize Spit …HET SMELT

“ Wélk ‘punt’ wil je eigenlijk maken, Mama “, zegt mijn managende 40-jarige dochter…
“ Wat is je ‘issue’ bij dit reeds zo bejubelde boek ?”
“ Het heeft me bij Lize Spit …HET SMELT de keel gegrepen, het moet op papier, en het issue is , dat ik nu juist NIET de ‘gruwel’ van de 3 puberende jongeren aan wil pakken, maar nét de schoonheid en kracht van dit literaire meesterwerk…”
Voldoende antwoord om af te druipen naar nieuwe uitdagingen voor de 40 jarige met kinderen in de aanloop van het Middelbaar Onderwijs…, maar voor de 65 jarige moeder …tja…òòk een uitdaging om te bewijzen wàt nu nét ‘hààr punt’ is…


Je kan toch niet nààst de stijl blijven hangen bij het verhaal …? Een stijl die me al snel naar Dostojevski doet teruggrijpen…
hoe reeds van bij de aanvang de pathologie in de gezinssituatie aangegeven wordt (‘Deze man is mijn vader ‘ …de man die zijn dochter van 12 even op de zolder zal demonstreren hoe je een strop rond je nek moet leggen …
De moeder (…’misschien zat mama de eerste 9 maanden al te losjes om me heen’…)…
Eva’s geboorte is eigenlijk een ‘oerverwijt’ p.25

Je kan toch niet om zoveel details heen, die kleur aan de inhoud geven : hoe bv. ‘de afrit van het dorp langs een gevaarlijke haarspeldbocht loopt waar veel ongelukken gebeurden en dat de achterburen, een koppel duivenmelkers, zich op een ijzige dag wel eens kwamen installeren met gestreepte klapstoelen en een koffiethermos, in de hoop voor het eerst sinds de laatste wereldoorlog nog eens getuige te zijn van iets ernstigs’…

Die literair detaillistische toevoegingen worden vaak koud geschilderd–als vanuit het palet van een Francis Bacon : Zonder over de rand te kijken,draaide ik de emmer met één beweging om. Ik tikte op de onderkant, het blok liet los en gleed naar beneden… de schildpad zat ondersteboven vast in de bodem van de ijsklomp, als een appelschijfje…

En de nog donkerder wordende kleuren : Bij het verstoppertjesspel, valt de deur van de inloopdiepvriezer achter Pim dicht…het duurde een tijdje voor ik het erop durfde wagen tussen de opgehangen karkassen te gaan kijken. Daar vond ik hem, in een hoekje. Zijn lippen waren al blauw, zijn gezicht lijkbleek. ‘Hij bleef de hele dag naar de dood stinken’ …

Ik wil het erover hebben, hoe een zo bekwame pen, een hoofdstuk ‘afronden’ kan, met in de laatste zin de samengebalde slotgedachte ervan : …de witte, plastic bergen met rubberen autobanden erop, waaronder ingekuild veevoeder ligt op de boerderij, plastic dat in géén geval geschonden mag worden …wordt in de slotzin van het hoofdstuk, voor het vernederende spelletje waarheid-durven-doen kort ‘opgelost :’Komaan, waar wacht je op. Pim kijkt ons strak aan. Dan bukt hij, plant een vinger in het plastiek, doorboort het …

Ik kan het over Hugo Claus hebben, dat verdriet van België, dat ook hier verscholen zit in de ‘Verenigingenquiz’, waar niet het gewicht van de dronken moeder in de kruiwagen met de gewonnen televisie er bovenop, doch de schaamte gedeeld wordt…

En dan De Tederheid
– en als er al geen tederheid meer is,
laten wij de tederheid dan veinzen
met geblinddoekte handen en geloken ogen,
liggend aan elkander als een grens (Luuk Gruwez) -
waarmee Eva het steeds vreemdere gedrag van haar zusje beschrijft (p.62 )…


of nog – de zeldene tederheid die ze een heel klein beetje van Laurens moeder opmerkt
waar Laurens moeder en ik (Eva) omhoog hobbelden bij elke salto op het springkasteel, en dan zacht terug tegen elkaar botsten …en na het vreselijke verhaal dat Laurens moeder vertelt, conclludeert Eva : het was goed dat mama van de fiets gevallen was, want het had me dit opgeleverd: de glimlach(van Laurens moeder) die ze niemand anders gunde, die van ver moest komen …

De gruwel van de lange zomer, met het onopgeloste raadsel, blijft bij elke lezer beklijven.. Nochtans denk ik –mede met Eva- ‘hoe vaker het te herhalen, hoe vuiler ik me zal voelen’ …
Hopelijk lezen filmmakers een boek talloze keren en vinden ze de juiste scènes om in beeld te zetten …
want er is toch ook gruwel nààst de Drie Musketiers (Eva, Pim en Laurens en alle vriendinnetjes die de revue moeten passeren …)
wanneer bv. op kerstavond Eva’s moeder - al weer eens duidelijk dronken- ‘naast haar vlees begon te snijden en vader zegt: ‘Wie niet met bestek kan eten, moet maar samen met de hond vieren, terwijl hij haar en haar bord verplaatste naar de mand in een hoek van de keuken. Hij liet het los nog voor het helemaal op de grond stond, net zoals hij deed met het voederbakje…

De eetrituelen bv. , 7 augustus 2002, p. 362, zijn met een uitzonderlijke psychologische kracht geschreven. Het boek lijkt een strijd tussen ‘goed en kwaad’ , je moét wel even aan een Dostojevski beginnen denken (als je het al nog niét deed …)

Even wil ik toch ook wat grappigheid –al is ze écht zelden- belichten, de vormselvoorbereidingen waar de groepsfotograaf zo ’n drie keer maant ‘iets vrolijker te kijken’…tot vlak voor de flits ons zou verblinden, ik Laurens zag achter de rug van de directrice zijn mond opensperren om Pim ‘het ongeluk in zijn tunnel te tonen’ –hij had de hostie nog steeds niet doorgeslikt …

Maar ik wil het tot slot vooral over poëzie hebben, vooral met Tesje, en zeker naar het einde van het boek, met Tesje in de hoofdrol…de fietsrit om Tesje te laten opnemen is bijzonder aangrijpend. Ook hier speelt de natuur :in de verte vormt zich een onweer. De donkere wolken bezetten de blauwe hemel met de snelheid waarmee een druppel inkt zich in een glas water verspreidt..het is moeilijk te zeggen of het onze richting uitkomt of niet. Voor het eerst is de gedachte dat iedereen in het dorp dezelfde neerslag zal delen geen geruststelling meer …en - wanneer Tesje achtergelaten wordt in het ziekenhuis- valt er door een gat in de wolken wat zon op de regenplassen. Vooral in de aanwezigheid van water kun je de zon voelen branden, daar doet ze extra goed haar best een nieuw team vast te stellen voor de volgende stortbui …

Het raadsel, reeds heel vroeg ‘aangebracht’ , staat zwart op wit, op p. 383.
Elke stap van het plan wordt nu detaillistisch uitgewerkt, nét zoals tijdens de zomermaanden vraag per vraag opgelost moest worden om het raadsel te kùnnen oplossen …
‘Beschadigingen’, samen met het allerlaatste hoofdstuk, moet de laatste aantekening worden, tot de cirkel helemaal rond is.
Van alfa tot omega.

Geachte Lise, u schreef een meesterwerk.
Met dank.
Lut Van Eeckhoutte- Symons

Het boek heeft me meegesleept en het einde greep me bij de keel. Ik begreep aanvankelijk de hype niet, maar ben blij dat ik het las.

Schrijf je mening over dit boek

Uw recensie werd succesvol toegevoegd

Kom erbij en lees mee.

Begint het te kriebelen?
Goesting om jouw boekenkast aan te leggen?
Laat het leesplezier beginnen!

Maak je profiel aan

Meld je aan om verder te gaan!

Geen profiel?
Ga verder met

E-mail
Facebook

Al een profiel?
Log hier in.